woensdag 13 december 2017

Boek herlezen: A Child’s Christmas in Wales van Dylan Thomas

A Child’s Christmas in Wales
One Christmas was so much like another, in those years around the sea-town corner now and out of all sound except the distant speaking of the voices I sometimes hear a moment before sleep, that I can never remember whether is snowed for six days and six nights when I was twelve or whether it snowed for twelve days and twelve nights when I was six. 
De nachtmerrie van Kerstmis
Als kind had ik last van terugkerende nachtmerries. In één daarvan dook een kerstboom op. Ik doe mijn best die nachtmerrie zo nauwkeurig mogelijk op te schrijven. Al wil ik daar meteen aan toevoegen dat zoiets bijna onmogelijk is. Als ik wakker word, staat een droom me vaak glashelder voor de geest. Tegen de tijd dat ik een voet uit bed zet, herinner ik me bijna niets meer. 

Ik bevind me op de benedenverdieping van een herenhuis met hoge plafonds en grote ramen. De raampartijen geven uit op een tuin die bedolven is onder een dik pak sneeuw. Ik zie of hoor niemand. Ik ben alleen, denk ik. Al weet ik dat niet zeker. Ik kan mijn hoofd en ogen niet draaien of in een zelfgekozen richting stappen. Een onzichtbare kracht houdt mijn lichaam in bedwang. Ik kan enkel recht voor me uit kijken, stilstaan of rechtdoor lopen. 

Uit de inrichting van ruimte – banken, hoge kasten, een televisie, een lange tafel met stoelen – maak ik op dat ik in een woonkamer sta. Ze lijkt niet op die van mijn ouders, maar ik weet – vraag me niet hoe – dat dit de woonkamer is van de plek die ik thuis noem. In één van de hoeken staat een grote kerstboom. Rond de stam ligt een berg cadeaus in allerlei kleuren en vormen. Een grote doos met een rode strik trekt meteen mijn aandacht. Ik weet – opnieuw: vraag me niet hoe – dat die doos voor mij is bestemd. Ik stap ernaartoe, in een rechte lijn, tot ik aan de boom sta en het cadeau kan pakken.

Op dat moment val ik bijna flauw van de spanning. Als kind vind ik kwantiteit oneindig veel belangrijker dan kwaliteit. ‘Veel cadeautjes’ is beter dan ‘weinig cadeautjes’. Grote dozen zijn beter dan kleine. Ik zet de doos op mijn schoot en trek aan één van de twee uiteinden van de strik. Het lint komt los en glijdt van de verpakking. Ik leg mijn hand op de doos en maak een scheur in het papier. De verpakking maakt een ritselend geluid en dan …

word ik wakker.
Het beeld van de doos staat op mijn netvlies gebrand en in mijn oren hoor ik de echo van scheurend papier.

A Child’s Christmas in Wales
Sneeuw, nonkels, tantes en cadeaus
Gek werd ik van die nachtmerrie, sta-pel-gek. Telkens als ik 's nachts terug in die woonkamer stond en die kerstboom zag, wilde ik invloed op het verloop van de scène uitoefenen. Ik probeerde dan mijn hoofd te bewegen, naar links of naar rechts te stappen of te hollen om sneller bij de doos te zijn. Tevergeefs, de onzichtbare kracht hield me met gemak in bedwang. De nachtmerrie eindigde altijd op dezelfde manier. 

Ieder zijn kerstverhaal, denk ik dan. Ik had je graag een happy end gegeven, maar het is niet anders. Ik droomde nooit over kinderen die een sneeuwman maken, over nonkels die dronken worden, over tantes die met onvaste stem een kerstlied zingen of – en dat valt me nog het zwaarst – over mensen die cadeaus openen en de inhoud ervan trots in de lucht houden zodat iedereen kan zien wat het is. Vind ik mezelf daarom beklagenswaardig? Welnee, een kerstverhaal over sneeuw, nonkels, tantes en cadeaus bestaat al, happy end inbegrepen. Het heet A Child’s Christmas in Wales en werd geschreven door Dylan Thomas, de beroemde/beruchte dichter uit Wales.

A Child’s Christmas in Wales 
A Child’s Christmas in Wales is een nostalgisch kerstverhaal, verteld vanuit het standpunt van een jongen. Thomas baseert zich voor het hoofdpersonage op zichzelf als kind en voor de setting op Swansea, de stad waar hij opgroeide. In 1950 verschijnt het verhaal voor het eerst in Harper’s Bazaar, een Amerikaans modemagazine. De publicatie is een amalgaam van twee oudere teksten van Thomas: een hoorspel voor de radio en een essay over Kerstmis. Op vraag van Caedmon Records neemt hij in 1952 het verhaal op om de b-kant van een langspeelplaat te vullen. Voor de a-kant leest hij enkele van zijn bekendste gedichten voor, waaronder Do not go gentle into that good Night. De plaat groeit uit tot één van de grootste verkoopsuccessen van het label. Thomas zet daarmee in Amerika het audioboek als genre op de kaart.

A Child’s Christmas in Wales
Een verhaal voor onder de kerstboom
Dat A Child’s Christmas in Wales een succes werd, verbaast me niks. Het bezit alle elementen die een kerstverhaal moet hebben: vrienden, familie, eten, drinken, cadeaus en sneeuw … veel sneeuw. Die elementen bieden op zich geen garantie op succes of kwaliteit. Denk maar aan de zeemzoete rommel die Hollywood rond deze tijd van het jaar in de bioscoopzalen gooit. Een geslaagd kerstverhaal onderscheidt zich meestal niet door de inhoud, maar wel door de stijl van de schrijver. Voor A Child’s Christmas in Wales maakt Thomas gretig gebruik van de trukendoos van de poëzie. Hij speelt met herhaling, klank en ritme. Daardoor leest zijn verhaal als een sneeuwvlok die door de wind op en neer, heen en weer wordt geblazen. Tot ze, aan het einde van de storm, opgaat in het wit van de andere vlokken op de grond.

Lees A Child’s Christmas in Wales dus nu nu nu. Zeg niet: ik heb nu geen tijd. Mijn uitgave telt 42 bladzijden. Op nog geen half uur tijd heb je het boekje uitgelezen. Het is ideaal leesvoer om je kater van kerstavond weg te lezen of om de wachttijd tussen twee familiebezoeken te doden. Of beter nog: lees het boek voor het slapengaan. Ga op je rug liggen en leg het opengeklapt op je ogen. Wie weet, wat voor kerstdroom levert dat op?
Looking through my bedroom window, out into the moonlight and the unending smoke-coloured snow, I could see the lights in the windows of all the other houses on our hill and hear the music rising from them up the long, steadily falling night. I turned the gas down, I got into bed. I said some words to the close and holy darkness, and then I slept.

woensdag 6 december 2017

Vind ik leuk - 5 kookboeken die mijn leven veranderden

Keuken
R-E-S-P-E-C-T voor kookboeken. Want kookboeken zijn ook boeken. Toch? Met kerst en nieuw grijpen zelfs de onhandigste koks naar een recept. Voor kookboeken geldt hetzelfde als voor alle andere boeken: je hebt toppers en floppers. Dit zijn de vijf kookboeken die mijn leven veranderden. 

1. Ons kookboek van de KVLV
Ons kookboek
Wie: De KVLV, het Katholiek Vormingswerk van Landelijke Vrouwen. Een mond vol, me dunkt. 

Wat: Het basiskookboek bij uitstek in Vlaanderen. De eerste druk dateert van 1927. 

Waarom: Iedereen die ook maar een beetje kan, wil of moet koken, heeft een fantastisch basiskookboek nodig. Op dat vlak zit je met Ons kookboek helemaal goedVan omelet tot stoofvlees, van koninginnenhapjes tot tiramisu, het staat er allemaal in. De taal is eenvoudig, de recepten zijn duidelijk en de ingrediënten vind je in elke supermarkt. 

Loopt je maaltijd in het honderd? Dan vind je in Ons kookboek vast wel een trucje om je ingezakte soufflé of geschifte bearnaise te redden. De KVLV doet meer dan alleen basisrecepten delen. Ons kookboek leert je ook hoe je gasten ontvangt, lekkere wijn kiest of een goeie bak koffie zet. En met koffie kom je in het leven al een heel eind, toch?

Mijn 3 favoriete recepten: 
Spinazieroomsoep 
Quiche met verse zalm en broccoli
Flensjes (minuutpannenkoeken)


2. Het grote vegetarische kookboek van uitgeverij Könemann
Het grote vegetarische kookboek
Wie: Könemann, een internationale uitgeverij van geïllustreerde boeken over kunst, architectuur en koken. 

Wat: Een basiskookboek voor vegetariërs uit 1997. 

Waarom: In 1999 beheerste een voedselschandaal de krantenkoppen in België. De giftige stof dioxine was in de voedselketen terechtgekomen, en dan vooral in vlees en zuivelproducten. Ik was toen zestien en impulsief. 'Ik word vegetariër,' verklaarde ik trots tegen mijn omgeving. Maar vegetarisch koken, hoe begon ik daar in hemelsnaam aan? Ik haastte me naar de boekhandel en kocht Het grote vegetarische kookboek. Dankzij dit boek leerde ik ingrediënten kennen, bereiden en appreciëren waar ik nooit eerder van had gehoord. Ik voelde me waarlijk een vooruitstrevend mijnheertje toen ik kikkererwten, pompoenpitten en bulgur in mijn kookpotten gooide.

Het grote vegetarische kookboek liet me zien dat een maaltijd veel meer kan zijn dan vlees + aardappelen + gekookte groenten (bah bah bah). Daarvoor alleen al veroverde het voor altijd een speciaal plekje in mijn keuken. 

Mijn 3 favoriete recepten: 
Penne met romige pesto en tomaat
Mexicaanse tomatenschotel
Oosterse paddenstoelenschotel 

Koop het boek

3. Nigella's kerst van Nigella Lawson
Nigella's kerst
Wie: Nigella Lawson, de queen bee van de Britse tv-koks. 

Wat: Tijd om het elf maanden oude stof van je rendierdiadeem te blazen. Nigella's kerst barst van de tips voor een kerstdis op z'n Brits. 

Waarom: Maak de weg vrij voor Nigelliaanse porties gedroogd fruit, kaneel en kalkoen. Als Nigella kookt, is alles vol: van de melk tot en met de goesting waarmee ze aan het fornuis staat. Haar tv-programma's krijgen steevast het etiket culinaire pornografie. Zwoel kijken en lippen tuiten kan ze als de beste. Maar wie of wat probeert ze te verleiden? Mijn gok: niet de kijker, maar de ingrediënten. 

Nigella wordt lyrisch van een geslaagde stoofpot of taart. Klinkt dat herkenbaar? Laten we eerlijk zijn: koken is leuk, eten is beter. En dat heeft Nigella als geen ander begrepen. In haar kookboeken vind je hartige recepten, mooie plaatjes en verrukkelijke bindteksten. Tijdens het koken lijkt het of je gezellig met Nigella een praatje aan het maken bent. Voor je het weet sta je te knipogen naar de klomp boter in je pan. 

Mijn 3 favoriete recepten: 
Koop het boek

4. Goed eten van Dorien Knockaert
Goed eten
Wie: Dorien Knockaert schrijft stukken over eten voor de krant De Standaard en blogt op jongesla.wordpress.com

Wat: Goed eten staat niet alleen stil bij lekker eten, maar ook bij de weg die het aflegt voor het op je bord terechtkomt. Het boek is een evenwichtige mix van recepten en artikels over gezonde en duurzame voeding. 

Waarom: Een goed kookboek wordt al na één week een vaste waarde in je keuken. Een recept moet van de eerste keer lukken. En de tweede keer nog beter, om van de derde nog maar te zwijgen. Goed eten is zo'n kookboek. De recepten van Dorien zijn makkelijk, gezond, seizoensgebonden, origineel en vooral lekker. 

De stukken over duurzame tuin- en landbouw zijn verhelderend en inspirerend. Zo kom je onder andere te weten dat er niets mis is met een goed stuk vlees, zolang het maar met mate op je menu staat en je de moeite neemt om de oorsprong van het product te checken. Na het lezen van Goed eten denk je twee keer na voor je die boontjes uit Kenia in je winkelkar gooit. 

Mijn 3 favoriete recepten: 
Koop het boek

5. Puur eten dat je gelukkig maakt van Pascale Naessens
Puur eten dat je gelukkig maakt
Wie: Pascale Naessens is een voormalig fotomodel en een tv-presentatrice. In 2010, niet lang na haar ontslag bij de commerciële tv-zender VTM, publiceerde ze haar eerste kookboek. Ondertussen staat de teller op 8 en is ze de best verkopende kookboekenauteur in Vlaanderen. 

Wat: Geef Pascale een tomaat, een courgette en een blok feta en ze verzint er wel vijftig recepten mee. 

Waarom: Puur eten is Pascale's vijfde kookboek en het eerste dat ik van haar in huis haalde. Ik was met andere woorden eerder laat om een stukje Pascale in huis te halen. Ik zwichtte nadat een hipster-vriendin de loftrompet blies over haar kookboeken. Puur eten is een kookboek met poepsimpele recepten met weinig ingrediënten. Dankzij Pascale heb je in een handomdraai een gezonde maaltijd op de tafel staan. En dat is leuk voor wie zich na een drukke werkdag met lichte tegenzin naar de keuken sleept.

Maar jezus mina, wat is die Pascale een kletskous. Haar bindteksten klinken als een mix van kookboekenjargon, Wikipediapagina's, een cursus mindfulness en spam. Laat ons dus vooral in stilte koken en er nog een tomaatje tegenaan gooien. Je kent ze wel, die rode vitaminebommen van de natuur vol trage koolhydraten. Ze hielpen onze voorouders om zonder oprispingen van aap tot mens te evolueren.

Mijn 3 favoriete recepten: 
Groenten in de oven met een dikke saus van witte bonen
Tomaten met feta en kruiden
Gegrilde zalm met courgetterolletjes


Wat is jouw favoriete kookboek?

vrijdag 1 december 2017

Af en toe een fragment - Lieke Marsman

Voor niet-depressieve mensen zorgt tijd ervoor dat nare gebeurtenissen voorbijgaan, dat hoop mogelijk is, dat je vol nostalgie kunt terugblikken op een zorgeloze zomer ... maar wie depressief is kan de mogelijkheid tot verandering die tijd met zich meebrengt niet goed meer ervaren. In een depressie zijn alle ervaringen op. Er is nog maar één ervaring over: die van het niet-ervaren, een lange weeïge brij van hetzelfde. Als gevolg hiervan wordt het lastig om beslissingen te nemen, omdat je voor het nemen van beslissingen een bepaalde vooruitziende blik nodig hebt: welke voor- of nadelen levert de beslissing je in de toekomst op? Sommige mensen omschrijven het alsof de tijd voor hen stilstaat: ze nemen waar dat de tijd voor de rest van de wereld doorgaat, maar het lijkt alsof zij zelf van die tikkende tijdswereld uitgesloten zijn. Het ultieme leven in het moment, zou je kunnen zeggen. En teven de reden dat ik leven in het moment háát.

Fragment uit Het tegenovergestelde van een mens van Lieke Marsman.

woensdag 29 november 2017

Lezer gevonden: Barbara De Munnynck

Barbara De Munnynck
Barbara De Munnynck
In de rubriek Lezer gevonden leg ik één keer per maand een gepassioneerde lezer op de rooster. Wie zijn ze? Wat doen ze? En vooral: hoe doen ze het? Barbara De Munnynck bijt de spits af. Barbara is journaliste en blogger. Ze houdt van dode Russen (in haar boekenkast) en interviewt al eens een levende Russische (voor haar blog This is how we read).

Wat is het eerste boek dat je las?
Pietje Puk.
Wat is het eerste boek dat je kocht?
Een deel uit de detectivereeks rond Nancy Drew door Carolyn Keene, gekocht met mijn zakgeld op de Boekenbeurs in 1990.
Wat is je favoriete plaats om te lezen?
In bed, in de zetel of op een strandstoel in de schaduw. Als het maar horizontaal is.
Wat is het laatste boek dat je cadeau gaf? 
Mazzel tov van Margot Vanderstraeten, aan mijn zus Natalie die in New York woont met haar joodse man.
Maak je aantekeningen en ezelsoren in boeken?
Natuurlijk.
Rangschik jij je boeken alfabetisch?
Alfabetisch en in categorieën. En dan nog zijn sommige boeken onvindbaar.
Welk personage zag je liever sterven?
Ik erger mij aan zelfingenomen, kleinzielige personages die sterk op de auteur lijken.
Welk personage zag je liever in leven blijven?
Anna Karenina.
Heb je ooit een boek geleend en nooit teruggeven?
Meermaals, vrees ik.
Boeken kopen of boeken lenen?
Boeken krijgen!
Welk boek ligt op je nachtkastje?
Ik nog wel van jou van Elke Geurts.
Welk boek neem je mee naar een onbewoond eiland?
Oblomov van Ivan Gontsjarov of het verzameld werk van Vladimir Nabokov.
E-reader of papier?
Papier!
Paperback of hardback?
Hardback.
Met welk personage wil je op café?
Madame Chauchat uit De Toverberg van Thomas Mann. Haar ‘scheve Kirgiezenogen’ wil ik graag in het echt zien.
Fictie of non-fictie?
Fictie, al hou ik ook ontzettend van autobiografieën en verhalende non-fictie. 
Dichtbundel of roman?
Roman, al is er één dichtbundel – Uitzicht met zandkorrel van Wislawa Szymborska – die ik bijna uit mijn hoofd ken.
Welk boek wil je nog graag lezen?
Over Een klein leven van Hanya Yanagihara heb ik al zoveel gelezen en gehoord, dat ik er mijn eigen mening over wil vormen.

Barbara De Munnynck
Barbara in de boekhandel Shakespeare and Company
Welke klassieker krijg je maar niet uitgelezen?
A Passage to India van E.M. Forster. Ik had het boek bij tijdens mijn rugzakreis door India. Halverwege de reis heb ik het in een hostel omgeruild voor Edith Whartons The Age of Innocence.
Boekenclubs: yay or nay?
Yay!
Zelfhulpboeken: yay or nay?
Geen boek zo slecht als een slecht zelfhulpboek (dûh), maar Blijf bij mij van Rika Ponnet of De Magische wereld van het kind van Selma Fraiberg vond ik verhelderend.
Welke zin had je zelf graag geschreven?
Ze voelen zich licht. Ze weten dat schoonheid rust betekent en dat het woord zijn gewicht aan de mond ontleent.
Uit Een ogenblik in Troje van Wislawa Szymborska.
Welk boek deed je huilen?
Recent las ik Wij Twee van Nicholas Sparks. Daarin sterft de zus van het hoofdpersonage op haar veertigste aan kanker. Bij zo’n scènes heb ik het gegarandeerd zitten.
Eet of drink je tijdens het lezen?
Allebei.
Heb je een mening over kookboeken?
Handig in de keuken.
Welk boek deed je lachen?
Vladimir Nabokov is vaak zo grappig dat ik passages aan mijn omgeving voorlees. Doorgaans met minder succes dan verwacht.
Welke film is beter dan het boek?
Misschien The Pianist met Adrien Brody?
Welk boek wil je graag verfilmd zien?
Nultijd van Juli Zeh. Spannende onderwaterscènes verzekerd.
Lees je recensies?
Ja. Nog veel erger: ik schrijf er zelf!
Kun je in een rijdende auto lezen?
Ja.
Het boek met de mooiste titel ooit is …
Het leven is elders van Milan Kundera
Het boek met de mooiste cover ooit is …
De Eenzaamheid van de priemgetallen van Paolo Giordano of Engeleneiland van Camilla Läckberg.
Lees je één boek per keer of verschillende tegelijkertijd? 
Meerdere tegelijk, maar als een boek mij echt grijpt, krijgt het voorrang op alles en iedereen.
In welke taal zou je graag kunnen lezen?
Moeiteloos in het Russisch.
En de literatuur, hoe is het daarmee gesteld volgens jou?
Alive and kicking. Daar is de wereld nog lang niet van af.

Katrien Elen Eveline Janssens Barbara De Munnynck
De drie boekenmeisjes van het blog This is how we read op een rij: Katrien Elen, Eveline Janssens en Barbara

woensdag 22 november 2017

Magazine gelezen: Akrostis

Akrostis
Een literaire tijdschrift uitgeven? Je moet wel gek zijn. Noem Akrostis dan maar prettig gestoord. Sinds 2016 vind je dit tijdschrift over literatuur, cultuur en kunst in de rekken van de betere boekhandel. Akrostis bouwt een brug tussen België en Turkije. De redactie publiceert gedichten, verhalen en essays van nieuwe en gevestigde auteurs in het Nederlands en in het Turks. Ik las het winternummer met als thema ‘brieven’.

Wanneer schreef jij voor het laatst een brief? Veel mensen moeten daarvoor naar hun tienerjaren teruggaan, toen ze per brief de liefde verklaarden aan iemand wiens naam ze zich nu niet meer herinneren. De cijfers van Bpost liegen er niet om. Jaar na jaar bezorgt het postbedrijf minder brieven (en meer pakjes van Zalando). Tegenwoordig swipet en tokkelt een mens zich een ongeluk op een tablet of smartphone. E-mails, sms’en en sociale media vervangen de brief.

Valt de brief nog te redden? Akrostis doet een poging. De invloed van het internet is ook de redactie niet ontgaan. Voor de cover van het nummer koos ze voor een schilderij van een vrouw met een brief in haar hand. Het beeld is vervormd en korrelig, alsof je niet naar het originele werk kijkt, maar naar een afbeelding op een webpagina over een slechte internetverbinding.

Charlotte Van den Broeck
Woord: Charlotte Van den Broeck
Beeld: Dora Maes
Brieven schrijven is brieven krijgen
Krijg jij graag een brief? Over die vraag hoeven de meeste mensen niet lang na te denken. Ja natuurlijk, luidt hun antwoord. Waarom valt het hen dan zo zwaar om die smartphone opzij te leggen en pen en papier te nemen? Ik ben in hetzelfde bedje ziek, terwijl ook mijn hart een sprongetje maakt als er in mijn brievenbus een enveloppe met een handgeschreven adres zit. Ik word al giechelig van een handgeschreven boodschappenlijst die iemand in een winkelkar van de supermarkt heeft achtergelaten. Ik begrijp dan ook perfect wat de Turkse schrijver Haydar Ergülen in zijn essay Penvriendschap voor Akrostis zegt:
Een brief heb je nodig bij rijkdom en bij armoe, bij vreugde en bij verdriet, in goede en in kwade tijden, wanneer je hart ruim voelt of juist niet, beter gezegd, op de een of andere manier verlangt men altijd naar een brief (…)
Als kind vroeg ik mijn moeder alle dagen (ook op zondag) of er geen post voor me was. Met een stapel reclamefolders was ik niet tevreden. Ik keek uit naar handgeschreven brieven, naar mensen die de tijd hadden genomen om speciaal voor mij hun woorden te wikken en te wegen. Mijn moeder moest me vrijwel dagelijks teleurstellen. Ik besefte pas later dat mijn afwachtende houding een deel van het probleem was. Als je zelf geen brieven schrijft, is de kans klein dat je er veel van anderen zult ontvangen.

Rachida Lamrabet
Woord: Rachida Lamrabet
Beeld: Koen Broos
Visueel gedicht: Sven Staelens
Ik ben de brief
Tegenwoordig wordt de brief steeds vaker als een kunstobject gezien, onder andere door de publicatie van boeken als Brieven van belang van Shaun Usher en Ode aan de brief van Simon Garfield. Digitale communicatie is snel en oppervlakkig, terwijl een handgeschreven brief tijd vraagt en persoonlijker is. De briefschrijver zet niet alleen zijn hersens aan het werk, maar ook zijn lichaam. Hij legt zichzelf letterlijk en figuurlijk in de tekst. 

Wie een brief schrijft, kan zich niet achter een lettertype of de lay-out van een app verschuilen. Je geschrift en je woordkeuze zijn de spiegels van je gemoedstoestand. Elke brief is niet alleen een bericht voor een ander, maar ook een confrontatie met jezelf. Of om het met een zin uit Akrostis te zeggen: 
Ik ben zelf de brief.
Een uitspraak uit de mond van een personage in Hotel Malaria, een theatertekst van Peter Verhelst. Van hem staat er in het nummer ook een Turkse vertaling van zijn gedicht Lamento 3. Daarnaast vind je in Akrostis onder andere poëzie van Nazim Hikmet, Charlotte Van den Broeck, Joke Timmermans, Jee Kast en Sven Staelens, en proza van Mesut Arslan, Peter Weyns en Rachida Lamrabet. De Belgische dichter Akim A.J. Willems verraste me met zijn bijdrage Liefste Em, een grafisch-poëtisch antwoord op de enveloppegedichten van Emily Dickinson.

Akim A.J. Willems
Woord en beeld: Akim A.J. Willems
Oude witte mannen
Door de diversiteit aan bijdragen en auteurs verdiept en verfrist Akrostis je blik op de brief. Je krijgt zin om er zelf één te schrijven omdat je opnieuw in de kracht en de mogelijkheden van het medium gelooft. En dat geldt zowel voor de brief die je in je privéleven schrijft als voor de brief als literair genre. De diversiteit is een logisch gevolg van de al even diverse samenstelling van de redactie van Akrostis. Daarin duiken nieuwe en bekende namen op, mannen en vrouwen, Belgen en Turken.

In het verleden werd de literaire wereld meer dan eens afgeschild als een club waar oude witte mannen de plak zwaaien. Akrostis bewijst dat het anders kan. Het winternummer is een liefdesbrief aan de diversiteit, de literatuur en het literaire tijdschrift.

Akrostis ID
Titel – Akrostis
Uitgeverij – ART.E vzw
Genre – Literair tijdschrift
Taal – Nederlands en Turks
Frequentie – 3 keer/jaar
Pagina’s – 92
Prijs – 12 euro