maandag 21 augustus 2017

ciT - Palm

© Rinus Van de Velde
Je bent een meisje dat volgens de buren hallucineert, dat op handen en knieën op het voetpad zit, je oor tegen een stoeptegel gedrukt. Ondergronds hoor je een piano spelen.
Tien minuten later leun je tegen een kantoorgebouw aan, je oor tegen de gevel gedrukt. Aan de andere kant tikt een prikklok, begint een sirene te loeien.
Tien minuten later leg je je hoofd tegen een boom, je oor tegen de stam gedrukt. De ringen draaien als een propellers.
Tien minuten later sla je je armen om een standbeeld, je oor tegen de dode componist gedrukt. In de bronzen navel weerklinkt zijn meest vergeten werk.
Tien minuten later ruk je een wolkenkrabber uit de grond, met wortels en al, en je gaat ermee op een bank zitten. Je drukt je wang tegen het hoogste verdiep en fluistert: ‘Op een dag pas je in de palm van mijn hand.’

maandag 14 augustus 2017

ciT - Koers

© Dzia
Je bent een man van veertig zonder kind, vrouw of hobby en je hebt gewandeld, verdomme, je hebt gewandeld – zweet op je rug, onder je oksels, op je voorhoofd en ongeschoren kaken, voeten vol met blaren. En dorst. In het midden van de stad zak je bijna door je knieën. Twee zachte handen duwen je beslist in een stoel.

De zon valt als een dooier op de stilstaande klok van een voormalig beursgebouw. Die dag wordt slechts één wisselkoers bepaald: de waarde van één seconde. Iedereen die zit en niets doet – niet tobt of werkt, wegloopt, -fietst of -rijdt – krijgt er twee voor in de plaats. Later vier, dan acht, zestien. Na een tijdje stel je vast dat enig geslenter de koers gunstig beïnvloedt.

maandag 7 augustus 2017

ciT - Zin

© Hertkore
Op een podium kreunt een vrouw luid en onregelmatig. De natte flyer op de bar spreekt over improvisatie – een hommage aan de zang van een niet nader genoemde stam in een niet nader genoemd West-Afrikaans land. Een drummer en een trompettist houden het gekreun halsstarrig bij. Een contrabassist probeert tevergeefs een rode draad door stem, drums en trompet te trekken en draait dan maar zijn snaren tot een weerbarstig bolletje.

Het publiek is onverbiddelijk. Vanochtend, net na het ontwaken, lukte het hen de zin van het leven samen te vatten in één gefluisterd woord. Ze herhalen het woord tegenover hun gezelschap. Dan voegen ze er nog één aan toe. En dan nog één en nog één. Het woord is een zin geworden, en dan nog één en nog één.

maandag 31 juli 2017

ciT - Camera


© Rinus Van de Velde
En jij, als jongeman van zeventien, hooguit achttien, denkt: dit kan niet blijven duren. Weldra vraag je iemand om in je arm te knijpen. Je zult toch niets voelen. Je bent niet echt, deze stad is niet echt: het water in de haven is van donkerblauw plastic en het schuim op de golven van isomo. Achter ramen en spiegels draait een camera en de skyline leunt tegen een houtskelet. De lucht moet nog bijgekleurd en de soundtrack wordt later opgenomen. De inwoners houden zich aan een scenario, alleen jij bent je rol vergeten. Als je lang genoeg rechtdoor zou lopen, beland je in de coulissen. Als je lang genoeg voor je uit zou staren, zie je het publiek in de bioscoopzaal zitten.

maandag 24 juli 2017

ciT - Vraag

© Rinus Van de Velde
Je bent de man met een wandelstok die zijn dagelijks half uurtje uit wandelen gaat.
Op straat wacht een hond voor een winkel op zijn baasje. Zijn kop is een koekoeksklok. Wanneer je hem vraagt: 'Hoe laat is het,' zwaaien de wijzers als een staart.
Op straat wacht een man op de bus naar het werk. Zijn hoofd is een platenspeler. Wanneer je hem vraagt: 'Zet eens wat anders op,' grijpt hij in het ijle naar de naald.
Op straat zit een meisje op een bank. Ze wiegt een wolkenkrabber in haar armen. Wanneer je haar vraagt: 'Wat voor weer is het daarboven,' kijkt ze van je weg en duwt de ramen uit als waren ze noppen in folie.