Posts tonen met het label Walter Gropius. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Walter Gropius. Alle posts tonen

zondag 10 januari 2016

Hestia - een eerste stap naar bevlogen wonen (Ikea - deel 2)

Kader

Ben jij verwekt in een bed van Ikea? Dat zou best kunnen. In geen tijd heeft de Zweedse meubelketen een monopolie op ons interieur verworven met strakke en vooral goedkope meubels en woonaccessoires. Ikea zegt duurzaamheid en ecologie hoog in het vaandel te dragen. Simpel gezegd: je hoeft je niet rot te voelen over dat goedkope prijskaartje van je nieuwste boekenkast. Maar, is dat wel zo?

De mensen op de eerste plaats*

Ikea wordt als een op en top Zweeds merk in de markt gezet, toch stroomt er opvallend veel niet-Scandinavisch bloed door de aderen van de Ikea Groep. De meubelketen bestaat uit een kluwen van stichtingen, holdings, bedrijven en trusts** in belastingsparadijzen zoals Liechtenstein en Luxemburg. Het moederbedrijf, de Stichting INGKA Foundation, is in Nederland gevestigd en heeft de status van een liefdadigheidsorganisatie. De Stichting heeft als doel een innoverende rol op het vlak van architectuur en interieur te spelen. Nederlandse non-profits genieten van een voordelig belastingsregime en zijn niet verplicht hun financiële huishouding te openbaren.  

Een rationele belastingsplanning hoort bij de bedrijfscultuur, aldus Ikea. Een lage belastingdruk zorgt ervoor dat onze nieuwste Frosta betaalbaar blijft. De meubelketen schijnt te vergeten dat het geld dat de overheid door hun rationale belastingsplanning misloopt ergens anders vandaan moet komen. Of juister gezegd: bij iemand anders, namelijk de consument die met een Frosta aan de kassa staat. Hij gaat naar huis met het idee dat hij een koopje doet, terwijl hij een jaar later via zijn aanslagbiljet een tweede keer aan de kassa moet passeren. Ikea, een liefdadigheidsorganisatie? Ik dacht het niet. De meubelmastodont is een winstgevende multinational met Zweedse roots die actief belastingen ontduikt. 

Komt een klant bij Ikea werkelijk op de eerste plaats? Hoe vergaat het hem in de periode tussen het crediteren van zijn bankrekening en de ontvangst van zijn aanslagbiljet? De ene komt thuis met veel meer spullen dan hij nodig heeft, de ander verzeilt in een echtelijke ruzie over een ontbrekende schroef en weer iemand anders wordt door de meubelketen gedeletet. De catalogus die in 2012 in Saoedi-Arabië verscheen, verschilde amper van de onze, alleen bleek de Ikea-wereld plots vrouw-vrij. Vrouwen werden digitaal uit alle foto's verwijderd uit vrees potentiële Saoedi-Arabische klanten te choqueren. In 2013 weerde de meubelketen een artikel over een lesbisch koppel uit de Russische catalogus uit respect voor een lokale wet die holebi-propaganda verbiedt. Twee gigantische blunders voor een onderneming afkomstig uit een land dat wereldwijd ranglijsten over gendergelijkheid aanvoert.

Welkom in de onafhankelijke republiek van je huis

IKEA Disobedients, een kunstwerk van Andrés Jacque Architects, is een architecturale performance die zich in een ruimte met Ikea-producten afspeelt. In plaats van de meubels met behulp van de handleiding op te bouwen, gebruikt het kunstenaarscollectief de planken en schroeven naar eigen goeddunken. De locatie wordt bevolkt door een bonte groep tijdelijke bewoners. Zij zingen, dansen, musiceren, koken, eten en praten met elkaar op een plek die bemeubeld is met grillige, speelse, monstrueuze en tegendraadse constructies.

Ikea ziet een thuis als een onafhankelijke republiek, een a-politiek eiland. IKEA Disobedients verwerpt die visie radicaal en ervaart een thuis als de plek die ons met de rest van de wereld verbindt. Er is een voortdurende wisselwerking tussen binnen en buiten. Vanuit ons huis lopen er honderden onzichtbare draden naar buiten - naar zowel mensen (buren, vrienden, vijanden, familie, etc) als plaatsen (treinstations, parken, handelszaken, culturele centra, scholen, etc). De buitenwereld dringt op haar beurt ook ons huis binnen via kranten en tijdschriften, een televisietoestel of de klantenkaart van een supermarkt. 

Ikea richt ons huis conform hun norm in; de mens is voor de meubelketen een consument. Hij betaalt voor een product dat hij zelf moet monteren. Hij voelt zich een maker, zowaar een ambachtsman. Hij maakt echter niets, of toch niets nieuws. Het eindresultaat is een massaproduct, wat in schril contrast staat met de unieke stukken die door een echte ambachtsman worden gemaakt. Andrés Jacque Architects zet het publiek aan tot Ikea-ongehoorzaamheid. 

Jacque, de stichter van het collectief, is naast kunstenaar ook een architect. Over dat laatste beroep zegt hij in een interview:
Het werk van een architect is om realiteiten te maken, om iemand te zijn die op de werkelijkheid reageert, is niet om conformisme en gemoedsrust te produceren, maar om dat te onderbreken, twijfel te zaaien, te dissecteren zodat dat kan worden bestudeerd en aan een laboratoriumanalyse kan worden onderworpen***
Voor Jacque is de mens geen consument of pseudo-ambachtsman, maar een soort van architect, iemand die in staat is zelf na te denken over hoe hij wil wonen. 

Live work play

De meubelketen wil meer dan alleen ons huis inrichten. Ze wil ook de rest van ons leven vormgeven. De volgende stap is inmiddels gezet: Ikea bouwt een stad. Strand East, een inbreidingsproject ten zuiden van het Olympisch Park van Stratford (London), is een intitiatief van Vastint UK B.V., een onderdeel van de Inter Ikea Property Division. De website bevat geen spat geel of blauw, dé typische Ikea-kleuren. De naam van het bedrijf vind je slechts één keer terug, in de kleine lettertjes op de contact us-pagina. Waarom wil de meubelketen haar rol in het project maskeren? 

Multinationals richten onze huizen, steden en levens steeds meer in. We vinden het normaal dat ondernemingen die winst beogen het uitzicht en de bestemming van onze openbare ruimte bepalen. Een inwoner van de stad wordt gedegradeerd tot een consument, een potentiële koper van een huis, product of dienst. Stedelingen zijn zelf zelden vragende partij voor het zoveelste inbreidingsproject. 

Stad Brugge geeft inwoners een stem in de ontwikkeling van de stad via detoekomstvanbrugge.be, een digitaal platform dat mensen, ideeën én ruimte wil samenbrengen. Uit de ingediende project blijkt dat de Bruggeling vooral nadenkt over initiatieven die het samenleven en -wonen bevorderen, zoals een fietsbrugeen creatief centrumnieuwe woonvormen en een autovrije stad

Ook de recentste Brugse Triënnale legde de focus op het thema wonen. De curatoren vroegen zich af wat er zou gebeuren als de vijf miljoen toeristen die de stad jaarlijks onthaalt in Brugge zouden blijven wonen. De kunstenaars dachten na over hoe we anders en beter kunnen samenleven met meer mensen op dezelfde plek. Ze bouwden onder andere boomhutten in het Begijnhof, een drijvende loungeruimte op een waterkruispunt en een huisvestingsproject dat de sociale piramide in één gebouw integreert. De meeste kunstwerken verkenden niet alleen nieuwe woonvormen, maar schiepen ook een kader voor ontmoeting en haalden de schotten tussen wonen, werken en ontspannen weg. 

Wij zijn ook bang in het donker

De projectontwikkelaars van Strand East willen de nieuwe stadswijk verdelen in plekken voor wonen, werken en ontspannen. Een levende stad laat haar activiteiten echter niet in specifieke zones opdelen. Mensen wonen, werken en ontspannen in toenemende mate door elkaar en tegelijkertijd. Stedelingen belichamen deze evolutie en vragen om ingrepen die strubbelingen en conflicten (preventief) het hoofd bieden. Hun suggesties faciliteren samenleven- en wonen. Strand East is dan ook geen stad van de toekomst, maar een modelwijk conform een voorbijgestreefde norm die geen rekening houdt met haar toekomstige inwoners en met stedelijke ontwikkelingen. 

Producten zoals Frosta, Docksta en Poäng doen overigens meer dan alleen refereren aan iconische ontwerpen van Alvar Aalto, Eero Saarinen en Arne Jacobsen****. Het zijn regelrechte kopieën van interieurklassiekers, alleen de prijs verschilt van het origineel. Dat maakt van Ikea geen trendsetter, maar -volger. En juist daarom zal de meubelketen nooit een volbloed erfgenaam zijn van Bauhaus, een stroming die tot op vandaag voel- en zichtbaar is in huisinrichting en architectuur. De vorm volgt functie-filosofie van stichter Gropius leidt niet alleen tot het ontwerp van uitgepuurd design, maar ook tot een leven met zo min mogelijk rommel. Bij Ikea draait alles in de eerste plaats om winst. Het maakt voor de meubelketen niets uit of de producten die we kopen een essentiële toevoeging aan ons interieur zijn. 

We hebben allemaal een verhaal te vertellen

Ben ik de enige die het vreemd, ja zelfs beangstigend vind om in woonkamers van Brussel tot Sydney dezelfde tafel of stoelen te zien? Een goed product mag wat mij betreft wereldwijd een bestseller worden, maar niet wanneer de diversiteit daaronder lijdt. Nadat Ikea het aanbod heeft vervlakt en versmald, moet nu ook onze identiteit eraan geloven; een Belg is een Chinees is een Amerikaan. We bellen met dezelfde telefoon, dragen dezelfde kleren en lezen Het meisje in de trein in onze Poäng. 

Een volledig interieur dat op één dag tijd wordt gekocht, kan nooit een persoonlijk verhaal of een individuele geschiedenis van een bewoner belichamen. Souvenirs, dragers van herinneringen, misstaan in een woonkamer met gloednieuwe, zielloze meubelstukken. Ikea wist ons verleden uit en geeft ons in plaats daarvan een tijdsgebonden luchtbel zonder verhaal. 

Tussen nu en 2007, het jaar waarin ik mijn eerste flat met spullen van Ikea inrichtte, is mijn interieur ingrijpend veranderd. Ik verhuisde nog eens twee keer, waarbij ik telkens een deel van mijn uitzet weggaf of verkocht. Een ander deel belandde in de vuilnisbak of een container van het recyclagepark omdat het kapot was, versleten of hopeloos uit de mode. Mijn oude Ikea-uitzet voelt zich met andere woorden niet thuis in een interieur dat organisch groeit. 

Kamers richten zich zelf wel in, stel ik vast. Mijn rol blijft best minimaal. Hoe minder ik me bewust met inrichting bezighoud, hoe meer de kamers zich naar mijn smaak en behoeften plooien. Meestal merk ik dat pas achteraf, wanneer meubels en voorwerpen zich onopvallend, bijna achter mijn rug om hebben verplaatst. Plots staat een tafel of vaas op een andere plek en komt ze daar eindelijk helemaal tot haar recht. Het bed van Ikea hebben we op 2dehands.be te koop aangeboden. 

* De tussentitels van dit stuk vond ik op www.ikea.com of in Ikea-reclames.
Lees ook:
Ikea - deel 1
Een kraan
Een ruïne

zondag 3 januari 2016

Hestia - een eerste stap naar bevlogen wonen (Ikea - deel 1)

Lamp

Ben jij verwekt in een bed van Ikea? Dat zou best kunnen. In geen tijd heeft de Zweedse meubelketen een monopolie op ons interieur verworven met strakke en vooral goedkope meubels en woonaccessoires. Ikea zegt duurzaamheid en ecologie hoog in het vaandel te dragen. Simpel gezegd: je hoeft je niet rot te voelen over dat goedkope prijskaartje van je nieuwste boekenkast. Maar, is dat wel zo?

Voor onze favoriete kamer in huis (de jouwe)*

Één op de tien Europeanen werd in een bed van Ikea verwekt, dat blijkt uit een onderzoek waarnaar in artikels geregeld wordt verwezen. Wanneer, waarom, hoe, door en voor wie het onderzoek werd uitgevoerd, vind ik nergens terug. Niemand schijnt het resultaat in vraag te stellen. Blijkbaar is de Zweedse meubelketen dermate in onze slaapkamer geïnfiltreerd dat we ervan uitgaan dat het cijfer wel moet kloppen. 

Ik weet zeker dat ik niet in een bed van Ikea ben verwekt. Ik zag het licht in 1983, één jaar vóór het eerste Belgische filiaal de deuren opende. Mijn generatie zorgde er wel voor dat de keten uitgroeide tot een meubelmastodont. Wij maken Europeaantjes tussen Zweedse lakens. Wij zijn Ikea. Bezoek het huis van een dertiger en het lijkt alsof je door een catalogus wandelt. Via onze interieurs voert Ikea de klok rond reclame. 

Onze huizen stemmen zelden overeen met de nette en gezellig ingerichte Ikea-kamers waarin iedereen altijd lacht. Niemands leeft zoals modellen in catalogi. We lachen niet altijd. We poetsen niet altijd. We breken al eens een raam of hebben last van een vochtprobleem. Alleen mensen die nooit thuis zijn en een poetshulp aanwerven, hebben een huis dat er altijd perfect bijligt. Dat soort mensen tref je zelden aan in een Ikea-labyrint met een potlood en papieren lintmeter in de hand.  

Voor zoveel mogelijk mensen

Ikea is een levensstijl geworden, een stijl die jaarlijks zorgvuldig wordt uitgelegd in hun catalogus - een uitgave met een oplage van 200+ miljoen exemplaren, een bestseller die monstersuccessen als Fifty Shades of Grey of de bijbel jaar na jaar met gemak achter zich laat. Voor sommige fans is de catalogus een bijbel geworden, een boek dat voorschrijft hoe ze moeten leven in een minimalistisch interieur met overwegend witte, zwarte en houtkleurige tinten, en dat allemaal voor een zeer schappelijke prijs. 

Ikea wordt wel eens de opvolger genoemd van Bauhaus, een stroming die na de Eerste Wereldoorlog ontstond onder invloed van de Duitse architect Walter Gropius. Kunstenaars en ambachtslui konden volgens hem van elkaar leren en moesten hun krachten bundelen om kwaliteitsvolle en functionele producten te maken. De functie van een object was het leidend principe van elk Bauhaus-ontwerp. De uitgepuurde ontwerpen werden vervolgens op industriële schaal geproduceerd. Het resultaat was sober design aan een lage prijs. Strak en goedkoop zijn twee voorwaarden waaraan ook elk product van Ikea moet voldoen.

De filosofie van Ikea en de Bauhaus Dessau Foundation stemt niet alleen op papier overeen, ook in praktijk vinden ze elkaar tijdens de Ikea Bauhaus Summer School - een opleiding en residentie in de Masters' Houses, vier huizen in Dessau naar een ontwerp van Gropius, waarbij jong talent wordt uitgedaagd de Bauhausgeschiedenis naar de 21e eeuw te vertalen via minimalistische ontwerpen die onze manier van slapen, eten, werken en ontspannen beïnvloeden.

Scandinavië is hot. Ikea slijt dan ook vlotjes meubelen. Het ene lijkt een logisch gevolg van het andere, maar de Zweedse meubelketen doet meer dan surfen op een succesgolf: ze heeft de golf mee veroorzaakt. Inmiddels reikt haar invloed zo ver dat gelijkaardige ketens zoals Leen Bakker of Kwantum hun aanbod ikeaniseren. Hun producten zouden evengoed in de rekken van de concurrent kunnen liggen. Het aanbod vervlakt en versmalt. Je vindt niet langer een beetje van alles, maar heel veel van (ongeveer) hetzelfde. 

Elk stuk is uniek

Jules Yap, de stichtster van ikeahackers.net, bundelt op haar website ideeën en toepassingen waarbij producten van Ikea worden aangepast en hergebruikt. Je vindt er bijvoorbeeld een how-to voor een Frosta X - een elegant wandrek gemaakt van drie Frostra's, de bekendste Ikea-kruk. In 2014 ontving ikeahackers.net een brief van de meubelketen met de vraag de website te sluiten wegens schending van het intellectueel eigendomsrecht. Yap uitte in de media veelvuldig haar verontwaardiging. Ikea milderde de toon van het schrijven en draaide uiteindelijk helemaal bij. Ikeahackers.net staat tot op vandaag online. 

Ikeafans.com, een website die in 2005 door James en Susan Martin werd opgericht, was een ander lot beschoren. Aanvankelijk was de liefde tussen het koppel en Ikea wederzijds. James en Susan kregen sneak peaks van catalogi, mochten regelmatig achter de schermen kijken, namen exclusieve interviews van vertegenwoordigers af en spraken voor publiek op evenementen van Ikea. In 2011 kwam aan hun samenwerking abrupt een einde. Het koppel werd gevraagd de domeinnaam over te dragen. Drie jaar en wat juridisch gekissebis later viel het doek over de grootste Ikea-community op het web. 

Ikea houdt de touwtjes graag strak in handen, ook als daarbij de kop van hun vurigste fans rolt. Het bedrijf wil heer en meester over hun merk en ons interieur blijven. Dat is jammer, pijnlijk en dictatoriaal. Yap en de Martins gingen op een creatieve manier met het Ikea-gamma aan de slag. Ze bevestigden daarmee hun liefde voor het bedrijf, maar vormden door hun creativiteit ook een tegengewicht tegen de vervlakking en versmalling van het aanbod. 

Het stuitte Ikea tegen de borst dat ikeahackers en ikeafans dankzij banners en buttons op hun websites een inkomen genereerden, onder andere door reclame voor andere meubelzaken en diensten te maken. Ikea schijnt te vergeten dat er in de eerste plaats reclame voor hun merk werd gemaakt. In feite waren beide websites schermvullende Ikea-reclames, gemaakt door mensen die niet eens op hun loonlijst staan of stonden.

Doe het eens anders

De student die op kot gaat, dochter of zoonlief die alleen gaat wonen, het koppel dat een eerste stek vindt; de meerderheid zal met het oog op een verhuizing een trip naar Ikea plannen. Een bezoek is een automatisme geworden. Het is bij mij niet anders gegaan. In 2007 richtte ik mijn eerste flat bijna volledig in met Ikea-producten, van het bed tot de bank, de boekenkast en het bestek in de keukenla. Enkel mijn potten en pannen waren van een ander merk, en die had ik cadeau gekregen. 

Denken we aan wooninrichtingsartikelen of wonen in het algemeen, dan trekken we met z'n allen naar een van de gigantische geel-blauwe blokken. Op één namiddag tijd shoppen we een interieur bij elkaar of op z'n minst gaan we, dankzij een uitgekiende winkelindeling en presentatie van producten, met meer spullen naar huis dan we ons hadden voorgenomen. Op basis van wetenschappelijk beproefde methoden doet Ikea ons geloven dat we een minimalistische look creëren door zo veel mogelijk artikelen uit hun gamma te kopen. 

De tijd is voorbij waarin we lang nadachten over de aankoop van een volhouten salon dat de rest van ons leven moet dienen. We willen niet langer tot aan onze dood naar dezelfde tafel en stoelen kijken. Zodra een trend voorbij waait, huppelen we achter de volgende aan. We kunnen erop rekenen dat Ikea de producten aanbiedt die bij de laatste nieuwe mode horen. En gelukkig maar, sommige meubelen houden het niet langer dan een hype vol. 

In het duurzaamheidsrapport van 2015 van Ikea zet Steve Howard, chef duurzaamheid, de positieve resultaten en ambities van zijn bedrijf in de verf. Alle katoen in hun producten is afkomstig uit duurzame bronnen, 50% van het hout wordt uit bossen met een FSC-certificaat** gewonnen, het verlichtingsgamma werkt uitsluitend met energievriendelijk LED-licht en alle Ikea-gebouwen moeten tegen 2020 energieneutraal zijn. Daarnaast onderhoudt de meubelketen partnerschappen met bijvoorbeeld het Wereldnatuurfonds, het UN Refugee Agency en Unicef om aan een betere, socialere en groenere wereld te werken.

Wij gaan voluit voor een duurzamere toekomst

Het verleden en heden van Ikea bestaan niet alleen uit succesvolle bladzijden. In 2010 werd de meubelketen door het Labor Rights Forum in de Sweatshop Hall of Shame opgenomen omdat ze bedlinnen verkocht van Menderes, een Turkse textielfabriek waar vier arbeiders stierven door onveilige arbeidsomstandigheden***. Werknemers van Swedwood, een Amerikaanse dochtermaatschappij van Ikea, uitten klachten over racistische discriminatie en slechte werkomstandigheden. Naar aanleiding daarvan schakelde het bedrijf een advocatenkantoor in om vakbondsvorming te bestrijden****. In 2012 haalde Swedwood opnieuw de pers toen bleek dat het jaarlijks 560 hectare waardevolle bossen in Karelië omhakte, en dat terwijl het bedrijf met een FSC-certificaat werkt. 

Ook dichter bij huis veroorzaakt Ikea ecologisch schade door vestigingen buiten commerciële centra te bouwen. Klanten worden verplicht een bezoek met de wagen te plannen. Het openbaar vervoer is meestal geen optie, zeker niet voor wie met een lang, smal en zwaar flat pack naar huis gaat. In Amerika, waar de dichtheid van winkels minder groot is dan in België, zitten mensen soms uren in de wagen voor ze een vestiging bereiken. 

Anders Dahlvig, toenmalig CEO van Ikea, zegt in Cheap: the high cost of Discount Culture, een boek uit 2009 van de Amerikaanse journaliste Ellen Ruppel Shell, dat hij elf inspecteurs tewerkstelde die het bosbeleid van Ikea opvolgden. Volgens Ruppel Shell was dat ruim onvoldoende voor een meubelketen die wereldwijd de derde grootste afnemer van hout is. De vraag werpt zich op of het voor een multinational als Ikea binnen de huidige economische context überhaupt mogelijk is handel te drijven zonder humanitaire of ecologische schade te berokkenen. De productieketen is te groot en te lang geworden om bij elke stap van het productieproces het welzijn van mens, plant en dier te garanderen. Meer bosinspecteurs aanwerven, zegt Dahlvig, betekent dat de werkingskosten stijgen, kosten die aan de klanten moeten worden doorgerekend, en dat wil Ikea ons niet aandoen. Design moet immers voor zoveel mogelijk mensen beschikbaar zijn en blijven. 

* De tussentitels van dit stuk vond ik op www.ikea.com of in Ikea-reclames.
** Het FSC-certificaat wordt toegekend door de Forest Stewardship Council aan hout dat afkomstig is uit bossen die sociale, economische en milieuvriendelijke voordelen bieden. 
*** Ikea voerde op de site een audit uit om de werkomstandigheden te controleren en concludeerde dat er geen grote problemen waren. Vakbonden en anti-sweatshopgroepering kregen geen inzage in de audit.  
**** ... wat uiteindelijk mislukte. In juli 2011 trad Swedwood toe tot de International Association of Machinists and Aerospace Workers. 

Lees ook:
Ikea - deel 2
Een kraan
Een ruïne